Header

Pagina titel

15 tips die handig zijn bij de opbouw van uw wandeltrainingen

1. Begin langzaam: Wanneer u start met een wandeltocht begin dan langzaam zodat uw spieren rustig warm kunnen worden, wanneer uw spieren warm zijn geworden verhoogt u uw tempo.

2. Negeer druk van medelopers: Met een groep lopen is erg gezellig, maar een ieder heeft een eigen tempo. Indien de groep in een te hoog tempo loopt, laat u zich dan niet verleiden om hierin mee te gaan. Loopt u een te hoog tempo, dan zult u na enkele kilometers merken dat het lopen minder gaat.

3. Zoek mooie en gevarieerde routes: Kies elke keer een andere route uit. Bijvoorbeeld (indien mogelijk) steeds in een andere provincie. Ook kunt u verharde en onverharde wegen afwisselen, of vlakke en heuvelachtige omgeving.

4. Trek erop uit: Tijdens uw vakanties kunt u naar het buitenland gaan voor mooie wandeltochten. De KNBLO heeft hierover ook informatie en op internet is tegenwoordig ook veel te vinden.

5. Zoek een innerlijk ritme: Wanneer u alleen wandelt, laat dan uw gedachten lekker gaan. Het denken aan muziek kan een prettig ritme geven tijdens het wandelen. Zelf zingen wandelt soms ook lekkerder.

6. Loop in verschillende tempo's: Wanneer u al regelmatig wandelt en u wilt uw conditie verbeteren, wandel dan geregeld een sneller tempo, neem daarna uw 'normale' tempo weer aan. Doet u dit vaker dan zult u zien dan u 'normale' tempo omhoog gaat. Voelt u zich tijdens het wandelen vermoeid, stop dan niet maar neem een lager wandeltempo, u zult merken wanneer u doorzet u zich, na verloop van tijd, beter gaat voelen.

7. Loop zonder horloge: Het dragen van een horloge kan druk veroorzaken om de wandeltocht binnen een bepaalde tijd te voldoen. Dit kan uw wandelritme negatief beïnvloeden.

8. Loop met iemand samen: Tochten lopen met een collega-wandelaar Road Runner (die hetzelfde wandeltempo prettig vind) kan erg gezellig zijn. Hierdoor wandelt u meer ontspannen.

9. Of neem de hond mee: Heeft er niemand zin om met u mee te gaan en u heeft een hond, neem dan de hond mee. Een hond heeft altijd genoeg energie om met u mee te gaan.

10. Eet voldoende: Wanneer u intensiever gaat wandelen is het belangrijk dat u voldoende eet. Vaak, veelal door vrouwen, wordt er te weinig gegeten. Het is belangrijk om over voldoende 'brandstof' te beschikken wilt u de tocht op een prettige manier uit te lopen. Tijdens de tocht een energierijk tussendoortje eten geeft weer extra energie.

11. Neem een koude douche: Niet na het wandelen, maar vooraf! Vooral als het warm weer is. Onderzoek heeft uitgewezen dat een koude bad of koude douche de lichaamstemperatuur verlaagt en lager houdt gedurende het wandelen. Dat betekent dat het afkoelingsmechanisme van uw lichaam niet zo hart hoeft te werken en het wandelen gemakkelijk zal aanvoelen.

12. Kies een bochtig parkoers: Het grote voordeel van een slingerende weg is dat u niet hoeft te staren naar een lang recht stuk waar geen einde aan lijkt te komen.

13. Stop en rek: Wanneer u het gevoel heeft dat uw benen zwaar voelen neem dan tijd om alle beenspieren te rekken. Zo geeft u de spieren even rust en na het rekken van de spieren zullen uw benen prettiger aanvoelen.  14. Maak een planning Sommige mensen zijn gebaat bij planning, anderen bij spontaniteit. Als u het geordende type bent, plan dan in het in de loop van de week uw trainingen voor komende weekeinde. Zet in uw agenda waar en wanneer u gaat lopen, met wie, in welk tempo en over welke afstand. Zo kunt u ook nog eens terugkijken wanneer u welke afstanden liep.

15. Ga niet op de grond zitten Wanneer u start met wandelen is het verstandig om op tijd te rusten, let erop dat u niet op de koude grond gaat zitten (de spieren koelen daardoor snel af en zullen ze stijf aanvoelen).